Medisch ABC
Terug

Medisch ABC

Wat is kinkhoest?

Kinkhoest is een besmettelijke ziekte van de luchtwegen. De oorzaak is een bacterie (bordetella pertussis). De ziekte komt vooral voor bij kinderen tot veertien jaar.

Kinkhoest begint als een gewone |verkoudheid (P2)|. Maar na een of twee weken krijgt het kind heftige hoestbuien. Als het kind inademt klinkt dat waarschijnlijk piepend of gierend. Hoestdrankjes helpen niet tegen deze hoestbuien. Soms is het hoesten zo erg dat kinderen met kinkhoest moeten overgeven of blauw worden. Het duurt zes tot twaalf weken voordat de verschijnselen weg zijn.

Er is geen behandeling tegen kinkhoest. De arts kan wel antibiotica voorschrijven, maar de ziekte verloopt daardoor niet minder ernstig. Antibiotica maken de ziekte alleen minder besmettelijk voor anderen.
Iemand die kinkhoest heeft gehad kan de ziekte opnieuw krijgen.

Kinkhoest is erg besmettelijk. Na besmetting met de bacterie duurt het een tot drie weken voordat een kind ziek wordt.
De meeste kinderen worden inge├źnt tegen kinkhoest (|DKTP-inenting (P1)|). Als een kind dan toch nog kinkhoest krijgt, is het minder ernstig.

Is kinkhoest besmettelijk?

Kinkhoest is heel besmettelijk. De bacterie komt door hoesten, praten en niezen in de lucht. Iemand die die lucht met bacteri├źn inademt, raakt besmet.

Meestal besmetten kinderen met kinkhoest andere kinderen in de eerste drie weken van de ziekte. In die eerste drie weken lijkt de kinkhoest nog op verkoudheid. Het kind besmet dus al andere kinderen voordat de ouders weten dat het kinkhoest heeft. Als het eenmaal duidelijk is dat een kind kinkhoest heeft, kan het anderen vaak al niet meer besmetten. Daarom mag een kind dat kinkhoest heeft, na overleg met de huisarts, gewoon naar de cr├Ęche of naar school. Thuishouden helpt niet om de verspreiding van de ziekte te voorkomen.
Wat helpt wel tegen verspreiding?

  • Kinderen moeten als ze hoesten hun hand of een zakdoek voor de mond houden.
  • Kinderen moeten vaak hun handen wassen.
  • Kinderen met kinkhoest die antibiotica slikken zijn minder besmettelijk dan kinderen die geen antibiotica slikken.

Inenting is de beste bescherming tegen kinkhoest. Mensen die niet alle inentingen tegen kinkhoest hebben gehad, lopen meer risico om ziek te worden. Vooral (pasgeboren) baby's zijn kwetsbaar. Heeft uw baby nog niet alle inentingen gehad? Dan mag uw baby niet in contact komen met kinderen die kinkhoest hebben. Als er op de school of cr├Ęche kinkhoest heerst, kunt u uw baby er dus beter niet mee naartoe nemen.
Wanneer een kind met kinkhoest in de buurt van een jonge baby is geweest, is het heel belangrijk dat de ouders van de baby dat weten.

Wat merkt uw kind van kinkhoest?

Kinkhoest begint meestal met een neusverkoudheid en hoesten. Een tot twee weken later wordt het hoesten erger. Het kind krijgt dan hevige hoestaanvallen, soms met een gierende inademing. Bij de meeste kinderen is het hoesten 's nachts het ergst. Het kind hoest taai glazig slijm op en moet soms braken. Het kind kan het benauwd krijgen. Deze tweede fase duurt ongeveer zes weken.

Daarna knappen kinderen langzaam op. De hoestbuien worden minder erg en verdwijnen uiteindelijk. Af en toe krijgt het kind misschien nog een hoestbui, bijvoorbeeld tijdens een verkoudheid of bij een plotselinge overgang van warmte naar kou.

Bijna iedereen die kinkhoest krijgt, wordt vanzelf weer helemaal beter. Alleen heel jonge kinderen moeten soms naar het ziekenhuis. De hoestbuien kunnen het kind namelijk zo uitputten dat het geen kracht meer heeft om te drinken. Het kind kan dan uitdrogen.

Ook baby's met kinkhoest moeten soms naar het ziekenhuis. Zij kunnen door de kinkhoest andere problemen krijgen, zoals |longontsteking (P2)| of zuurstofgebrek bij een hoestaanval. Zuurstofgebrek kan weer leiden tot een |hersenbeschadiging (P1)|.

Verantwoordingstekst kinkhoest

De informatie over kinkhoest is algemeen. Het kan zijn dat uw situatie anders is. Hebt u nog vragen, dan kunt u die stellen aan uw arts.
De teksten zijn gebaseerd op:

  • Eekhof, J.A.H. e.a. (2009). Kleine kwalen bij kinderen. Amsterdam: Elsevier Gezondheidszorg;
  • Het Medisch Handboek (2006). Orde van Medisch Specialisten. Utrecht/Antwerpen: Kosmos-Z&K Uitgevers;
  • informatie van het RIVM;
  • informatie van het Nederlands Huisartsen Genootschap.