SMOK betekent: SSRI Medicatie bij zwangeren: Effect op de Ontwikkeling van Kinderen.
Doel
Onderzoek naar effecten van SSRI-gebruik door zwangeren op de motorische en verstandelijke ontwikkeling van hun kinderen.
Waarom?
Kinderen van langdurig depressieve moeders hebben een verhoogde kans op ontwikkelingsproblemen op latere leeftijd. Een ernstige depressie wordt daarom ook bij zwangere vrouwen vaak behandeld met medicatie.
Ongeveer 2% van de zwangere vrouwen in Nederland gebruikt een SSRI (selectieve serotonine reuptake inhibitor; medicijnen tegen o.a. depressie als b.v. Seroxat, Zoloft, Prozac*) als antidepressivum. De behandelend arts weegt de voordelen van het gebruik van medicatie voor de moeder af tegen de mogelijke nadelen voor het ongeboren kind.
De gevolgen voor het ongeboren kind lijken tot nu toe mee te vallen, maar onderzoek op de lange termijn is niet verricht. Het doel van dit onderzoek is gegevens te verzamelen op basis waarvan een indruk wordt verkregen over de gevolgen van het gebruik van SSRI’s tijdens de zwangerschap voor de ontwikkeling van het kind.
Wat gaan we doen?
Hiervoor willen we 120 kinderen onderzoeken: 60 kinderen van wie de moeder in de zwangerschap een SSRI heeft gebruikt, 30 controlekinderen van wie de moeder wel depressief was maar geen medicatie heeft gebruikt, en 30 controlekinderen van wie de moeder niet depressief was en die geen medicatie heeft gebruikt.
Het onderzoek wordt verricht in twee niet-academische ziekenhuizen, te weten het Medisch Centrum Leeuwarden en het Wilhelmina Ziekenhuis in Assen.
Wie kunnen meedoen?
-zwangeren die SSRI’s gebruiken
-zwangeren die geen medicijnen gebruiken (controlegroep)
-zwangeren met een depressie die geen medicijnen gebruiken (controlegroep)
Wie kunnen niet meedoen?
Zwangeren die anti-epileptica gebruiken (dit zijn medicijnen tegen epilepsie b.v. Depakine, Lamictal, Tegretol) en zwangeren die non-SSRI antidepressiva gebruiken (bijvoorbeeld tri-cyclische antidepressiva).
Wat vragen we van ouders en kind?
In de eerste levensweek en op de leeftijd van 3 maanden wordt de kwaliteit van de spontane bewegingen van het kind beoordeeld, d.m.v. video-opnamen.
Op de leeftijd van 2 jaar wordt de ontwikkeling getest m.b.v. de BSID-II-NL.
Aan de moeder wordt in de loop van de tijd drie keer gevraagd een vragenlijst in te vullen.
Op de leeftijd van 6 jaar wordt de ontwikkeling van uw kind opnieuw getest.
Privacy:
De gegevens van moeder en kind worden gecodeerd (op nummer) bewaard, zodat de vertrouwelijkheid van de personen en de onderzoeksgegevens gewaarborgd is.
De onderzoeker in het MCL is drs. N.K.S. de Vries, kinderarts-neonatoloog. (Zij staat rechts op de foto, links Dr.C. van der Veere van het Wilhelmina Ziekenhuis in Assen.)
Contact: Telefoon (058) 286 3381 (poli Kindergeneeskunde Medisch Centrum Leeuwarden)

*)De bestaande SSRI’s in Nederland zijn:
Paroxetine = Seroxat
Citalopram = Cipramil
Fluvoxamine = Fevarin
Sertraline = Zoloft
Fluoxetine = Prozac
Venlafaxine = Efexor
Duloxetine = Cymbalta
Trazodon = Trazolan
(De eerste kolom: werkzame stoffen, de merknamen in de tweede kolom zijn vet weergegeven).